Vrijheid is…zorgeloos in de ochtend op de bank het warme zonlicht op je gezicht voelen. Terwijl de hond zuchtend zich in een nóg betere houding draait en snurkend zijn dromen verder beleeft. De tuindeur open, de vogels in de verte, want die durven niet in mijn tuin te komen. Dat is het territorium van mijn ranke rode kater die, zo lief als hij eruitziet, kan veranderen in een heuse instinctieve moordmachine. Nog niet zo lang geleden werd ik ruw uit mijn slaap getjilpt, toen de rode kater had besloten een vogeltje, door het kattenluik, naar binnen te trekken en als cadeau aan zijn baasje te doneren op haar mooie witte beddengoed. Midden in de nacht. Vogeltje heb ik weten te redden en heb ik terug naar buiten gebracht. Heel fijn in je nachtoutfit met je slaaphoofd.
Een klein huiselijk avontuur waar ik geen trauma aan over gehouden heb. Het is eerder dat ik dit soort onnozele acties steeds meer koester. Want het is simpel, huiselijk, en eenvoud. Het getuigt van klein geluk. Want een warm huishouden, of je nu dit alleen of met meerdere deelt, is iets wat zo simpel lijkt maar voor een heleboel wereldgenoten een groot verlangen is. Huiselijk geluk waarin je niet alleen een dak boven je hoofd hebt, maar waar gezondheid floreert en eten uit de koelkast valt en hardop gelachen kan worden. Wat een schrijnend contrast met de beelden die wij dagelijks voorgeschoteld krijgen op onze vierkante staarkast. Maar het ligt soms ook om de hoek. Een voordeur waarachter huiselijk geluk ver te zoeken is. Waar ziekte, fysiek of mentaal, de overhand heeft en een tekort aan knaken de buiken luid laat knorren of er continue spanning voelbaar is omdat iemand zijn handen niet in bedwang kan houden.
Dan is het niet horen, zien en zwijgen. Dan is het soms eens vragen hoe het gaat, of je kan helpen. Iets wat wij verleerd zijn, omdat het woord ‘bemoeien’ dan al snel omhoog borrelt. Maar er is een verschil tussen bekommeren en bemoeien. Interesse tonen of nieuwsgierig zijn. Behulpzaam of opdringerig. Sociale controle is ook wat heel anders dan zorgen voor elkaar. We zijn wat schuw voor elkaar geworden lijkt het wel. Als ik in de metro zit is bijna iedereen verdronken in de telefoon. Kijkend naar beelden van mensen die het zo leuk hebben met elkaar. En iedereen kijkt bloedserieus. Alsof ze vanochtend een reuze aambei ontdekt hebben. Zo zuur allemaal. Waarschijnlijk ben ik inmiddels het lokale zotje die af en toe eens glimlacht naar een ander.
Met humor en met een flinke dosis nuchterheid probeer ik het leven maar niet al te serieus te nemen. Uiteindelijk is het allemaal niet zo vreselijk belangrijk he wat wij met z’n allen doen buiten die voordeur. Wat vele malen belangrijker is, is hoe jij je warme huishouden creëert en onderhoud. Hoe je zorgt voor jezelf, voor je partner, je kinderen, je huisdieren, je planten, je tuin of je balkon. Zodat je als je s avonds weer uit die metro of uit de auto of van je fiets stapt uit kan kijken naar je thuiskomst waar klein geluk om de hoek ligt.
klein geluk
